Shelf
-
24 November 2009 om 18:36 |
De mensen die ze allochtonen noemen, denken de hele dag na over wat het betekent om te horen bij de mensen die ze allochtonen noemen.
Debuutroman van Nederlandse journalist (1970). David is een jonge joodse Amsterdammer, die door zijn donkere uiterlijk op een Marokkaanse jongere lijkt. Om zich af te zetten tegen zijn Amsterdamse (Oud-Zuid) kakkineuze milieu en uit nieuwsgierigheid gaat hij op zoek naar zwarte vrouwen, eerst in de Bijlmer en later in Amerika. Hij ontdekt dat hij daar gediscrimineerd wordt vanwege zijn uiterlijk. Een roman waarin scherpe tegenstellingen worden neergezet tussen culturen die in Nederland naast elkaar bestaan. Degene die de grens oversteekt, hoort uiteindelijk nergens meer bij. Het boek is vol vaart geschreven, hard en rauw, al maakt de herhaling van vergelijkbare gebeurtenissen het soms wat voorspelbaar en saai. De dwarse houding van de 21-jarige hoofdpersoon, die vooral confronteert en provoceert, levert uiteindelijk geen nieuwe inzichten op. Als hij in twee verschillende werelden niet blijkt te passen, gaat hij op zoek naar een nieuwe omgeving.
(NBD|Biblion recensie, Drs. W.A. Fasel)
Reageer
« « Gelijk steeds uit de bestanddeelen van heet ijzer, door den smidshamer geslagen, tal van brandende vonken schitteren als schijnsels in een glansenden kring, zoo verwekte Dante, daarna Petrarca,–mannen van de grootste begaafdheid, die de verouderde Poëzie bewerkten, zoodat zij den roest van vele eeuwen er uit verwijderden,–als uit een vuursteen de flikkerende vonken van dichterlijken geest, en wiesen lichtende vlammen in grootschen gloed.
--------------------------------------
“Kerstmis zal geen Kerstmis zijn, zonder presenten,” bromde Jo, die languit op het haardkleedje lag. » »




